Met zijn opvallende bladeren waarbij het lijkt alsof iemand kleine gaatjes gekni...
De Monkey Mask, officieel bekend als de Monstera Adansonii, vindt zijn oorsprong in de regenwouden van Midden- en Zuid-Amerika. Deze tropische klimplant komt voor in Mexico, Panama en Costa Rica, waar hij zich aanpast aan de omgeving van het dichte regenwoud. De tropische temperaturen en hoge luchtvochtigheid zorgen ervoor dat de Monkey Mask meters groot kan worden.
De Monkey Mask heeft een kruipende en klimmende groeiwijze. In zijn natuurlijke omgeving klimt de plant langs bomen en andere oppervlakken, waarbij hij gebruikmaakt van zijn luchtwortels om steun te vinden. Geef hem dus iets om zich aan vast te houden, zoals een mosstok, bamboestokken of een plantgeleider. Deze klimplant kan zowel omhoog geleid worden als hangend in een mand tentoongesteld worden. Een opvallend detail is dat de Monkey Mask luchtwortels ontwikkelt, die zich vasthechten aan oppervlakken en de plant ondersteunen bij het klimmen.
De Monkey Mask houd van een vochtige grond, maar vermijd dat de wortels in het water staan. Hiermee voorkom je wortelrot. In de zomerperiode, wanneer de plant actief groeit, moet je hem vaker water geven. In plaats van één keer per week vraagt hij dan een tweede keer om water. Laat de bovenste laag van de grond tussen gietbeurten door licht opdrogen. De luchtvochtigheid en temperatuur in huis bepalen hoe vaak je de Monkey Mask water moet geven. Het kan voorkomen dat jouw Monkey Mask in de zomer om extra water vraagt. In de winter, wanneer de plant in een rustperiode verkeert, heeft hij soms minder water nodig dan eenmaal per week. Kijk goed hoe jouw plant reageert om uit te zoeken welk bewateringsschema bij jouw plant past.
Plaats de Monkey Mask op een plek met helder, indirect licht. Hoewel deze plant in de natuur wel gewend is aan een schaduwrijke plek onder de bomen, heeft hij in je woonkamer graag helder, gefilterd licht. Vermijd direct zonlicht om bladverbranding te voorkomen.
De Monkey Mask is een klimplant die je het beste kunt ondersteunen met een mosstok of plantgeleider. Snoei alleen dode of beschadigde bladeren en verpot de plant in het voorjaar of vroege zomer voor optimale groei.
Tijdens het groeiseizoen (lente en zomer) voed je de Monkey Mask elke maand met Bio Palm Voeding. Zo krijgt je plant alle benodigde voedingsstoffen binnen. Verminder de bemesting in de herfst en winter. Met Bladglans Spray geef je de bladeren van je gatenplant een prachtige glans, waardoor hij nog meer opvalt.
Gele bladeren bij de Monkey Mask kunnen ontstaan door te veel water of een te droge lucht. Zorg voor goede drainage en pas de watergift aan op de luchtvochtigheid en temperatuur in huis.
Palmen Potgrond geeft je Monkey Mask de perfecte basis. Zorg ervoor dat de pot goede drainage heeft om wateroverlast te voorkomen. Leg een laag Hydrokorrels op de bodem van de pot, zodat deze het overtollige water opnemen.
Over het algemeen staat de Monkey Mask bekend als een vrij snelgroeiende plant in vergelijking met sommige andere kamerplanten. Het verpotten van de Monkey Mask (Monstera Adansonii) is dan ook een belangrijk onderdeel van de verzorging. Zorg ervoor dat de plant voldoende ruimte heeft om te groeien en gezond te blijven. Het beste moment om je Monkey Mask te verpotten is in het voorjaar of vroege zomer, wanneer de plant in een periode van actieve groei is. Zorg ervoor dat de nieuwe pot schoon is en dat er drainagegaten aanwezig zijn om overtollig water af te voeren. Geef je plant 20% extra ruimte in de nieuwe pot.
De Monkey Mask, ook bekend als Monstera Adansonii, staat bekend om zijn veelzijdige verzameling namen. In het Nederlands staat deze bijzondere gatenplant ook wel bekend als de rimpelgatenplant, omdat de bladeren licht gerimpeld zijn. Naast de populaire term "Monkey Mask", wordt de plant internationaal vaak liefkozend aangeduid als de "Swiss Cheese Vine" vanwege de opvallende gaten in de bladeren die doen denken aan gatenkaas.
Mentha ×piperita, beter bekend als munt of mint, is een fris kruid dat muggen w...
Planttype: Kruiden, vaste plant
Grondsoort: Pokon Bio Moestuin Grond
Bemesten: voorjaar, zomer
Vochtigheid: normaal
Standplaats: zonnig, schaduw
Wind: beschut tegen harde wind
Hoogte: 30 cm, 75 cm
Bloem: geurend, lila
Bloeitijd: juli, augustus
Blad/loof: bladverliezend, groen
Zaaitijd: februari, maart
Planttijd: april, mei, juni
Oogsttijd: juni, juli, augustus, september, oktober
Winterhardheid: extreem winterhard (< -45,5°C tot -28,9°C)
Munt is in vele soorten verkrijgbaar. De meest bekende zijn:
- pepermunt, de ‘Mentha Piperita’
- groene munt of Marokkaanse munt
Alle soorten munt zouden een geneeskundige kracht bezitten en klachten zoals verkoudheid, misselijkheid en darmklachten verminderen. Daarnaast zie je menthol, een bestanddeel van pepermuntolie, vaak terug in aftersun producten door het verkoelende effect dat het geeft op de huid.
Vanaf april kun je munt gemakkelijk zelf kweken, buiten in de volle grond of in een moestuinbak. Je kunt ook kweken in een wat kleiner kweekkastje. Wil je al eerder in het jaar genieten van je eigen munt? Dan kun je het beste binnen kweken, bijvoorbeeld in een pot in de keuken of achter het glas op de vensterbank. Wanneer je in de volle grond kweekt of plant, doe je er verstandig aan om ze in de grond af te schermen. Je wilt namelijk niet dat munt je hele tuin overwoekert. Je kan dit onder andere doen door een pot zonder bodem in te graven.
Wanneer je munt wil planten of zaaien, kun je dit het beste op een zonnige plek of in de halfschaduw doen. Wanneer munt genoeg zon krijgt, zal het een betere smaak en geur ontwikkelen.
Geef munt genoeg water, zodat het niet uitdroogt. Controleer regelmatig of de bodem waarin het kruid staat nog vochtig is. Wanneer dit niet het geval is, kun je een scheutje water geven.
Maak gebruik van de juiste voeding, om de munt gezond te houden. Bio Lavendel & Kruiden Voeding is geschikt voor de munt en is een 100 procent natuurlijke meststof. Deze voeding zorgt voor meer weerstand tegen ziektes en een gezonde plant. Planten die gezond zijn, zullen een heerlijke geur en smaak geven. De voeding werkt tot wel 120 dagen.
Iedere winter sterft de munt af. In het voorjaar loopt deze weer uit. Net voor het uitlopen, in maart, kun je het oude loof afknippen of weghalen. Zo krijgt de plant weer ruimte om te groeien.
Je kan zowel de blaadjes als de takjes van munt oogsten. De blaadjes kun je prima met de hand eraf halen, maar de takjes kun je beter knippen met behulp van een kruidenschaartje. Munt groeit snel, dus wees niet bang om wat takjes van het plantje af te knippen.
Munt is veelal erg geliefd, omdat je het aan verschillende gerechten kan toevoegen. Munt heeft een frisse smaak en een heerlijke toevoeging veel andere soorten eten. Voeg munt toe aan salades, vleesgerechten of groenteschotels. Daarnaast kun je ook muntthee maken of wat munt toevoegen aan een kan water.
Sommige plantnamen zijn zo vanzelfsprekend. Neem nou de Monstera (Gatenplant), w...
Planttype: Groene Kamerplant
Grondsoort: Palmen Grond
Bemesten: 1 keer in de 2 weken voeden
Hoogte: 50 cm, 100 cm, 150 cm
Groeiwijze: Hangend, opgaand
Blad/loof: Groenblijvend, groen, grofbladig, ingesneden
Vochtigheid: Matig water geven
Standplaats: Lichte standplaats, halfzon
De Monstera staat het liefst op een lichte plek met indirect zonlicht. Direct zonlicht kan de bladeren verbranden, dus vermijd dit. De plant kan ook goed overweg met wat minder licht, maar dan groeit hij langzamer en worden de bladeren minder groot. Warme temperaturen tussen 18°C en 27°C zijn ideaal, en het is belangrijk om koude tocht en plotselinge temperatuurschommelingen te vermijden.
De Monstera is een relatief makkelijke kamerplant om te verzorgen. Snoei grote of beschadigde bladeren gerust terug; de plant zal vanuit de bladknopen nieuwe bladeren vormen, wat zorgt voor een volle en gezonde uitstraling. Regelmatig de bladeren afstoffen of besproeien helpt om stof te verwijderen en de luchtvochtigheid te verhogen, wat de plant ten goede komt. Verpotten doe je het beste in het voorjaar als de plant actief groeit, met een pot die ongeveer 20% groter is dan de huidige.
De Monstera (Gatenplant) heeft mooie groene bladeren en door hem af en toe te voorzien van Pokon Bio Palm Voeding, zal hij mooi groen blad behouden. Misschien vind je het zelfs wel leuk om de bladeren te verfraaien met Pokon Bladglans.
De Monstera komt oorspronkelijk uit Midden- en Zuid-Amerika en is dus gewend aan een hoge luchtvochtigheid. Geef deze kamerplant dan ook voldoende water. Houd in eerste instantie twee keer per week water geven. Controleer de kluit van te voren altijd even of hij nog voldoende vochtig is of dat er veel water nodig is.
Gele bladeren bij de Monstera kunnen verschillende oorzaken hebben. Te veel direct zonlicht kan de bladeren verbranden, waardoor ze geel worden. Ook te veel of te weinig water kan leiden tot vergeling. Controleer daarom regelmatig de vochtigheid van de grond en pas de watergift aan. Een te droge lucht kan ook stress veroorzaken; verhoog de luchtvochtigheid door de bladeren te besproeien of een luchtbevochtiger te gebruiken. Verwijder gele bladeren tijdig om de plant gezond te houden.
De robuuste Monstera geef je een goede start door hem te planten in Pokon Palmen Grond. Deze potgrond is speciaal voor kamerpalmen en groenblijvende kamerplanten. Ook voor het oppotten of verpotten kun je een speciale palmengrond gebruiken.
@pokon_nl Dit is hoe je een monstera opbindt aan een mosstok! ? #pokon #monstera #mosstok #plantentips ♬ original sound - Pokon
Heeft de Monstera grote bladeren en lange stelen? Snoei ze gerust terug. De Monstera reageert goed op snoei en zal nieuwe bladeren vormen vanuit de bladknopen. Lees meer over kamerplanten snoeien.
Ja, een Monstera is een makkelijke kamerplant om te verzorgen. Ze hebben niet veel water nodig en kunnen goed om gaan met de gemiddelde luchtvochtigheid in huis.
De Monstera staat het beste op een plek met indirect licht. Monsteras kunnen ook lagere lichtomstandigheden verdragen, maar vermijd direct zonlicht, omdat dit de bladeren kan verbranden. Ze houden van warme temperaturen, tussen de 18°C en 27°C. Vermijd koude tocht en plotselinge temperatuurschommelingen.
Om een volle Monstera te krijgen, zijn de volgende dingen belangrijk:
Dragon wordt ook wel Estragon genoemd. Het is een populair kruid voor in de keuk...
Planttype: Vaste plant
Grondsoort: Pokon Bio Moestuin Grond Turfvrij
Bemesten: Eenmaal per 2 tot 3 weken, Pokon Bio Moestuin Voeding of Pokon Bio Kruiden Mest
Hoogte: 60 tot 90 centimeter
Blad/loof: Groen
Water geven: Matige waterbehoefte
Standplaats: Zon
Van nature komt Dragon (Artemisia dracunculus) uit Centraal Azië. Tegenwoordig komt Dragon veel voor in Europa, Noord-Amerika en Azië.
In totaal zijn er drie verschillende soorten Dragon, namelijk Franse Dragon, Russische Dragon en Mexicaanse Dragon.
Franse Dragon is de soort die het meest wordt gebruikt. De smaak is aromatisch, anijs- en peperachtig. Deze variant herken je aan de lange, rechte, groene blaadjes. Tijdens de bloeiperiode in juli en augustus krijgt hij groengele bloemetjes.
Wanneer je op zoek bent naar Dragon met een iets minder sterke smaak, dan is Russische Dragon perfect. Wel geeft deze variant eerder een bittere smaak. Ondanks dat zal de smaak van Russische Dragon minder snel overheersend zijn. De bladeren van deze variant Dragon zijn lang, smal en donkergroen van kleur. In de bloeiperiode krijgt Russische Dragon witte/geel/groene bloemetjes. Het voordeel van Russische Dragon is dat deze sneller groeit en makkelijker te vermeerderen is.
Ook Mexicaanse Dragon geeft veel smaak die anijsachtig is. Je herkent deze variant aan de langwerpige, groene blaadjes. Pas in de nazomer staat deze plant in bloei. Dan geeft hij goudgele bloemetjes.
Je kunt Dragon zowel in pot als in de volle grond kweken. Wanneer je Dragon in pot kweekt os het nodig om de plant te verpotten wanneer de wortels te veel ruimte in beslag nemen. Het is daarom verstandig om zo nu en dan te checken of de wortels nog de nodige ruimte hebben om verder te groeien. De meest ideale tijd om Dragon te verpotten is in het voorjaar.
Staat jouw Dragon plant in de volle grond, dan kun je dit het beste in het vroege voorjaar of in de herfst doen. Let op dat je bij het verplanten de kluit ruim uitgraaft om schade aan de wortels te voorkomen.
Curcurbita pepo, beter bekend onder de naam courgette, is een echte topper voor ...
Planttype: Groente
Standplaats: zonnig
Grondsoort: Moestuin Grond
Bemesten: voorjaar, zomer
Hoogte: 30 cm, 40 cm
Breedte: 100 cm, 150 cm
Bloem: geel
Groeiwijze: bodembedekkend, kruipend, breed spreidend
Blad/loof: groen
Vrucht: geel, groen, eetbaar
Zaaitijd: april, mei
Planttijd: mei, juni
Oogsttijd: juni, juli, augustus, september
Gebruik: verse consumptie, salades
Winterhardheid: niet (> +4,4°C), USDA zone 11
Courgettes zijn er in heel veel verschillende soorten en maten. Naast de bekende groene langwerpige variant kun je ook ronde soorten (zoals Ronde de Nice), gele soorten (Golden Zucchini), witte soorten (Blanco Medio Largo) en gestreepte soorten (Safari) kweken.
In de maanden mei en juni kun je courgette zaaien op een zonnige plaats in de volle grond op 2 cm diepte. Courgetteplanten worden erg groot, houd daarom een zaaiafstand van minimaal 75 Ã 100 cm per zaadje. Wanneer je al eerder wilt starten kun je courgettes ook voorzaaien in potten vanaf half april. Rond half mei is de kans op vorst geweken en kunnen de courgettes uitgeplant worden in de volle grond.
Courgetteplanten stellen niet veel eisen aan de grond en groeien op vrijwel iedere bodem. Voor het beste resultaat kun je de courgette bij voorkeur zaaien in biologische moestuingrond met een hoog kaliumgehalte. Door de grote bladeren kunnen courgetteplanten bij warm weer erg veel water verdampen. Geef de plant dan iedere avond water aan de voet van de plant.
Rond juli begint de plant vruchten te produceren en kun je starten met het oogsten van de eerste courgettes. Knip of snijd met schoon en scherp gereedschap de vruchten af bij het steeltje. Kijk daarnaast ook goed onder de grote bladeren van de plant of er nog vruchten verstopt liggen. Door elke dag even te kijken en regelmatig te oogsten worden de courgettes niet te groot. Ook blijft de plant zo nieuwe vruchten aanmaken.
Dille, Anethum graveolens, is een fris eenjarig kruid dat met zijn gele bloemsch...
Dille laat zich niet graag verplanten en kun je daarom het beste direct in de volle grond of in potten en bakken zaaien. Het kruid zaai je op een plek in de zon of halfschaduw in de maanden april en mei. Kies voor het zaaien bij voorkeur voor een beschutte plek en zaai de zaden op 0,5 cm diepte. Voor het zaaien in rijen houd je een plantafstand van 10 cm en een rijafstand van 40 cm aan. Na 2 tot 4 weken ontkiemen de zaden.
In de volle grond kan dille wel een hoogte vormen van 1 meter. Het is daarom belangrijk de planten voldoende ruimte te geven en uit te dunnen als deze te dicht op elkaar groeien. Wanneer je zeer grote planten wilt kweken houd je een ruimte van 20 cm aan. In potten en bakken blijft het kruid vaak kleiner en is uitdunnen niet nodig.
Dille stelt zeer weinig eisen aan de bodem en groeit op vrijwel iedere grond, zolang deze maar goed waterdoorlatend is. Het kruid geeft zelfs een voorkeur voor wat armere gronden.
Naast het wieden van onkruid rondom de planten vraagt dille niet om veel verzorging. Wel houdt de kruidenplant van een vochtige grond. Geef daarom vooral tijdens droge perioden regelmatig water aan de voet van de plant. Zorg er echter voor dat het kruid ook weer niet te nat staat.
Dille kun vrijwel de gehele zomer oogsten. De stengels van de plant kun je meestal al 8 weken na het zaaien knippen voor gebruik in de keuken. Zodra dille net begint te bloeien bevatten de bladeren het meeste aroma en is het kruid zelfs nog lekkerder. Voor het oogsten knip of snijd je de stengels met schoon en scherp gereedschap af op zo’n 5 tot 10 cm boven de grond.
De geur en smaak van dille is het lekkerste wanneer je het kruid vers gebruikt. Toch kun je dille ook prima enkele dagen bewaren in de koelkast. Daarnaast kun je dille ook drogen of invriezen.
Bramen zijn heerlijke vruchten die je vers uit je tuin kunt snoepen, maar ook ka...
Planttype: Fruit(boom)
Hoogte: 150 cm, 200 cm
Vochtigheid: normaal
Standplaats: zon, halfzon
Snoeien: Na het planten kun je de bestaande scheut insnoeien tot 30 cm boven de grond. De nieuwe scheuten die uit de grond komen kun je aanbinden. Maximaal 4 scheuten per plant aanhouden, het tweede jaar dragen deze scheuten namelijk vruchten. Ook het tweede jaar weer 4 nieuwe grondscheuten aanbinden. Je hebt dan 4 vruchtdragende en 4 nieuwe scheuten. Na de oogst worden de gedragen scheuten geheel verwijderd. Zo kun je jaren doorgaan!
Wind: beschut tegen harde wind
Grondsoort: Bio Moestuin Grond
Bemesten: voorjaar, zomer met Bio Moestuin Mest
Bloem: wit
Bloeitijd: juli, augustus
Bloemvorm: zelfbestuivend
Vrucht: paars, saprijk, zoet, zacht vruchtvlees
Rijptijd: midden augustus, eind september (Black Satin: eind juli)
Gebruik: handfruit/tafelfruit, jam, gelei
Bramen komen oorspronkelijk uit Azië en Europa, maar zijn nu over de hele wereld te vinden. Ze groeien in het wild langs bosranden en in open velden waar ze genoeg zonlicht kunnen krijgen. De plant is al duizenden jaren in cultuur en wordt zowel voor zijn heerlijke vruchten als voor zijn medicinale eigenschappen gewaardeerd.
Er zijn veel verschillende soorten bramen, elk met hun eigen unieke kenmerken. Enkele van de meest populaire variëteiten zijn:
De 'Evergreen' braam, die bekend staat om zijn grote, sappige vruchten en zijn vermogen om het hele jaar door bladeren te behouden. Het Evergreen soort is tegenwoordig ook doornvrij te krijgen onder de soortnaam Thornless Evergreen.
De 'Loch Ness' braam, die bekend staat om zijn hoge opbrengst aan zoete, donkere bessen.
De 'Oregon Thornless' braam, die geliefd is bij tuiniers omdat hij geen doornen heeft, wat het plukken van de vruchten een stuk gemakkelijker maakt.
De 'Black Satin' braam, die grote, glanzende, bijna zwarte vruchten produceert.
Wil jij een braam planten in je (moes)tuin, volg dan ons stappenplan:
Bramen zijn vrij makkelijk te verzorgen, maar hier zijn enkele tips om ervoor te zorgen dat ze goed groeien:
Wanneer je een boost aan kleur wil toevoegen aan je tuin is de Dahlia een perfec...
Dahlia’s komen oorspronkelijk uit Mexico. Het is een plant die afstamt van de composietenfamilie. In 1872 werden dahlia’s in Nederland geïntroduceerd. Inmiddels zijn er onwijs veel verschillende kleuren en soorten dahlia’s verkrijgbaar. De dahlia is een vaste plant die makkelijk is wanneer het gaat om de verzorging. Ook hebben ze een lange bloeiperiode. Je kunt namelijk tot ver in oktober genieten van de prachtig gekleurde bloemen. Let op: Dahlia’s zijn niet winterhard. Je kunt de knollen dan ook het beste voor de winter uit de grond halen en na de ijsheiligen weer poten.
Er zijn ongeveer 20.000 verschillende soorten van de Dahlia. Dit zijn een aantal populaire soorten op een rij:
De Dahlia Eveline herken je aan de witte blaadjes met een paars gekleurd hart. Ook de witte blaadjes hebben stuk voor stuk een paarse gloed/rand. Deze Dahlia soort groeit uit tot een hoogte van ongeveer 1 meter. Je kunt deze het beste poten in de periode van maart tot en met mei. Van juli tot oktober geniet je van de meest prachtige bloemen.
Wil je een zonnige uitstraling toevoegen aan je tuin? De Dahlia Gold Crown is precies wat je zoekt. Deze Dahlia soort herken je namelijk aan zijn opvallende geel/oranje kleur. Hij wordt ongeveer 125 cm hoog en bloeit in de periode van juli tot en met oktober.
Creëer exotische vibes met de Dahlia Mango Madness. Deze Dahlia herken je aan de mooie oranje/roze kleur en de grote bloemen. De bloemen kunnen namelijk uitgroeien tot een diameter van 20 centimeter!
Voor grote en volle bloemen zit je met de Dahlia Lady Darlene helemaal goed. De geel gekleurde bloemen met rode rand kunnen namelijk een grootte bereiken van 20 tot 24 centimeter. De plant wordt in zijn geheel zo’n 80 centimeter hoog.
De Maxi Castillo heeft een opvallende roze/paarse kleur en een geel hart. De plant bereikt een hoogte van zo’n 50 centimeter. De bloemen bereiken een diameter van 10 tot 14 centimeter.
Het is niet nodig om een Dahlia op te potten. Wel is het belangrijk om actie te ondernemen voor de eerste vorst er is. Doordat Dahlia’s niet winterhard zijn kun je de knollen het beste naar binnen halen voor het echt koud wordt. Snoei de plant op zo’n 15 centimeter boven de grond af en haal hem uit de grond. Schud de grond eraf en laat het geheel een aantal dagen drogen. Leg de knollen vervolgens weg op een donkere, koele, tochtvrije plek. Zodra de vorst in het voorjaar is verdwenen kun je de dahlia’s weer terug in de grond zetten.
Wil je jouw dahlia wel graag oppotten? Kies dan voor Terras & Balkon Planten Potgrond. En geef 1 x per week in de periode van maart t/m september met Bio Terras & Balkon Planten Voeding.
Dahlia’s zijn eigenlijk niet vaste planten in koudere klimaten. Ze worden beschouwd als knolgewassen. Dit betekent dat hun knollen elk jaar opnieuw geplant moeten worden, omdat ze niet winterhard zijn en niet goed tegen vorst kunnen. In warmere klimaten kunnen dahlia’s wel als vaste planten groeien, omdat de knollen in de grond kunnen blijven en elk jaar opnieuw uitlopen.
In Nederland is het gebruikelijk om de knollen in de herfst op te graven en binnen te bewaren, om ze in het voorjaar weer te planten.
Dahlia’s komen meestal in mei uit de grond, na de laatste vorstperiode. Dit is de beste tijd om ze te planten, zodat ze de hele zomer kunnen groeien en bloeien.
Dahlia's groeien het beste op een zonnige plek, met minimaal 6 uur direct zonlicht per dag. De plek moet enige beschutting bieden tegen harde wind. Zorg voor een bodem dat rijk is aan voedingstoffen.
Croton, ook wel Codiaeum variegatum genoemd, is een opvallende kamerplant. Houd ...
De Croton, ook wel Codiaeum variegatum genoemd, is een opvallende kamerplant die bekend staat om zijn bontgekleurde bladeren. De kleur van het blad is een goede indicatie van de verzorging: een bont blad betekent dat de plant goed verzorgd wordt, een donkerder blad geeft aan dat de plant meer licht nodig heeft, en donkere randen aan de bladeren wijzen op teveel water. Bladeren kunnen ook vallen door te weinig licht of teveel water.
De Croton heeft een lichte plek nodig in huis, want hij houdt van veel licht. Zet de plant op een plek waar hij voldoende daglicht krijgt, maar vermijd directe felle zon en tocht. Ook is het belangrijk om de plant niet in de buurt van een verwarming te plaatsen.
Geef de Croton regelmatig water, maar zorg dat de grond niet te nat wordt. De grond moet licht vochtig blijven. Controleer ook regelmatig de kleur van de bladeren om te zien of de plant voldoende licht krijgt en niet te veel of te weinig water. Bemest de plant tijdens het groeiseizoen om een gezonde groei en mooie bladkleur te stimuleren.
Gebruik tijdens het groeiseizoen een geschikte kamerplantenvoeding om de Croton te voeden. Dit helpt de plant sterk te blijven en zijn mooie kleuren te behouden. Voeding kan bijvoorbeeld met Pokon Kamerplanten Voeding, die je volgens de gebruiksaanwijzing kunt toepassen.
Geef de Croton regelmatig water, maar voorkom dat de grond te nat wordt. Donkere randen aan de bladeren kunnen een teken zijn van teveel water. Laat de bovenste laag van de grond licht opdrogen voordat je opnieuw water geeft. In de winter heeft de plant minder water nodig.
Gele bladeren bij de Croton kunnen ontstaan door te veel of te weinig water of door een tekort aan licht. Controleer daarom altijd de standplaats en pas de watergift aan. Zorg dat de plant op een lichte plek staat en geef water wanneer de grond droog aanvoelt.
Bemest de Croton tijdens het groeiseizoen, bijvoorbeeld van februari tot oktober, met een complete kamerplantenvoeding. Dit zorgt voor een gezonde groei en een mooie bladkleur. Plant de Croton in potgrond die goed water doorlaat om wortelrot te voorkomen.
Verpot de Croton wanneer de plant te groot wordt voor de pot of de grond uitgeput raakt. Gebruik bij het verpotten goede potgrond en zorg voor een drainagelaag, bijvoorbeeld met Pokon Hydrokorrels, zodat overtollig water goed kan wegstromen.
De Croton kan last krijgen van plagen zoals bladluis, spint of wolluis. Controleer de plant regelmatig op deze plagen en behandel ze tijdig om schade te voorkomen. Een goede verzorging helpt ook om ziektes te voorkomen.
De Cyclaam, Latijns Cyclamen persicum, is een vrolijke kamerplant waar je het he...
Planttype: Bloeiende kamerplant
Grondsoort: Kamerplanten Potgrond
Bemesten: 1 keer in de 2 weken bio bloeiende kamerplanten voeding
Bloem: lila, paars, roze, rood, wit
Bloeitijd: januari, februari, maart, april, mei, juni, juli, augustus, september, oktober, november, december
Hoogte: 15 cm, 20 cm, 30 cm, 40 cm
Groeiwijze: bossig
Blad/loof: groenblijvend, groen, gemarmerd
Vochtigheid: regelmatig water geven
Standplaats: lichte standplaats maar geen zon, halfzon
Winterhardheid: slecht (-6,6 tot -1,2°C), USDA zone 9
De Cyclaam is een knolplantje en maakt deel uit van de sleutelbloemfamilie. Het is een bloeiende kamerplant die tot 30 centimeter hoog kan worden. Het blad van de Cyclaam is hartvormig en de bloemstengels zijn hol. De Cyclaam heeft witte of paarsroze bloemen, die dicht bij elkaar bloeien en heerlijke geuren afgeven.
Plaats de Cyclaam op een lichte plek, maar niet in het directe zonlicht. Kies voor een plek in de buurt van het raam, waar genoeg licht komt. In de rustperiode (wintermaanden) mag de Cyclaam op een iets donkerdere plek staan.
Een goede potgrond geeft de Cyclaam de juiste start en zorgt voor een gezonde, mooie plant. Gebruik basis kamerplanten potgrond. Deze potgrond is geschikt voor zowel groene als bloeiende kamerplanten. Kamerplanten staan binnen niet in hun natuurlijke omgeving en hebben dus een extra goede voedingsbodem nodig. Door de TerraCottem droogt deze grond iets minder snel uit. Daarnaast zit er meteen genoeg voeding in voor circa 60 dagen. Ververs de potgrond ieder jaar in het voorjaar.
Geef de Cyclaam eens in de twee weken bio bloeiende planten voeding. Deze voeding zorgt voor nog mooiere bloemen met een intensere kleur. De voeding bevat essentiële voedingselementen waardoor jouw Cyclaam mooi blijft.
Zorg ervoor dat de kluit van de Cyclaam altijd vochtig blijft. Dit kun je het beste doen door een schoteltje onder de pot te vullen met water. In de wintermaanden kun je dit iets verminderen. Zorg daarnaast voor een matige tot hoge luchtvochtigheid in je kamer.
Je kunt de Cyclaam snoeien door regelmatig de uitgebloeide bloemen weg te halen met de hand. Haal gerust de hele stengel weg. Zo maak je weer plek voor nieuwe bloemen.
Is de luchtvochtigheid in je woning uit balans? Met een Cyclaam verbeter je de luchtvochtigheid op natuurlijke wijze. Hoe droger de lucht bij jou thuis, hoe meer de plant gaat ‘zweten’. Klachten zoals droge ogen worden zo vermeden, ideaal!
Best mooi, de Dieffenbachia seguine. Het is een broertje van de Anthurium en Spa...
De Dieffenbachia vindt zijn oorsprong in de tropische regenwouden van Midden- en Noord-Amerika. In Nederland staat deze kamerplant ook wel bekend als 'de dief van Bagdad', hoewel de oorsprong van deze naam niet geheel duidelijk is. De dieffenbachia zal het beste groeien op een lichte standplaats, zonder direct zonlicht.
In totaal zijn er zo’n 30 verschillende soorten Dieffenbachia's. Populaire soorten zijn:
Deze Dieffenbachia staat bekend om de grote bladeren die diepgroen zijn met een lichtgroene kern, wat een mooi en indrukwekkend effect creëert.
De bladeren van de Dieffenbachia Alix hebben een uniek patroon dat bijna hypnotiserend is. De donkere buitenkant en de lichte binnenkant zorgen voor een bijzonder effect.
Deze Dieffenbachia heeft grote roomwitte bladeren met een lichtgroene tekening. Nieuwe bladeren kondigen zich in het hart van de plant aan, waar ze eerst opgerold zitten en daarna mooi ontvouwen.
Deze Dieffenbachia valt op door de mooie ronde bladeren die een luchtzuiverende werking hebben. De plant is relatief hoog in vergelijking met andere soorten.
Ook de Dieffenbachia Tropic Snow heeft een bijzondere bladtekening en is hiermee uniek in zijn soort. Deze plant is sterk, kan hoog groeien en heeft veel grote bladeren die mooi uiteenwaaieren.
De Dieffenbachia groeit het beste op een lichte standplaats zonder direct zonlicht, vooral niet in de middag. Direct zonlicht kan bruine randen op de bladeren veroorzaken. Ochtendzon of zachte avondzon is wel geschikt. Een raam op het westen of een plek minimaal twee meter van het raam vandaan is ideaal voor deze plant.
De Dieffenbachia houdt van lichte plekken, maar vermijd direct zonlicht in de middag om bruine randen op de bladeren te voorkomen. De plant staat bekend om de mooie tekeningen op het blad, die verdwijnen als de plant te weinig licht krijgt. Voor een gezonde en stralende Dieffenbachia is het aan te raden wekelijks Pokon Bio Groene Planten Voeding toe te voegen aan het gietwater.
Voeden van de Dieffenbachia doe je het beste met Pokon Bio Groene Planten Voeding. Voeg iedere week een beetje voeding toe aan het gietwater tijdens het groeiseizoen. Dit zorgt ervoor dat de Dieffenbachia gezond blijft en zijn mooie bladtekeningen behoudt.
De Dieffenbachia heeft regelmatig water nodig, maar de grond mag niet te nat worden. Laat de bovenste laag van de grond licht opdrogen voordat je opnieuw water geeft. In de winter heeft de plant minder water nodig. Zorg dat de pot goed afwatert om wortelrot te voorkomen.
Gele bladeren bij de Dieffenbachia kunnen wijzen op te veel of te weinig water of op een tekort aan licht. Controleer daarom altijd de standplaats en pas de watergift aan. Zorg dat de plant op een lichte plek staat en geef water wanneer de grond droog aanvoelt.
Het wordt aanbevolen om de Dieffenbachia elke twee jaar te verpotten, bij voorkeur in de lente. Gebruik een pot die minimaal 20% groter is dan de vorige pot en Kamerplanten Potgrond. Verpotting kan ook direct na aankoop plaatsvinden. Let op dat je handschoenen aantrekt tijden het verpotten, want het plantensap is giftig. Houd een oogje in het zeil als je huisdieren en/of kinderen hebt.
De Dracaena (Drakebloedboom) komt uit het Afrikaanse vasteland. Hier dachten de ...
Planttype: Groene kamerplant
Grondsoort: Kamerplanten Potgrond
Bemesten: 1 keer per 2 weken
Hoogte: 50 cm, 75 cm, 100 cm, 125 cm, 150 cm
Groeiwijze: Opgaand
Blad/loof: Groenblijvend, groen, geelbont, witbont
Vochtigheid: Matig water geven
Standplaats: Lichte standplaats maar geen zon, halfzon
In het wild groeit Dracaena vooral in Afrika en op nabijgelegen eilanden als Madeira, de Canarische Eilanden en de Kaapverdische Eilanden. Al komen er ook een paar soorten voor in Zuid-Azië en eentje in Centraal Amerika. Er zijn variëteiten die echt op een boom-met-stam lijken, maar ook robuuste struikvormen die als haag dienen. Ze kunnen heel oud worden en sommige soorten krijgen in het wild een heel aparte vorm, die rechtstreeks uit de oertijd lijkt te komen.
Wist je dat…
We lichten een paar soorten Dracaena voor jou uit:
Deze Dracaena (Drakenbloedboom) heeft lange smalle bladeren met een rood randje.
Deze staat ook bekend als geurige Dracaena of maïsplant. Deze plant heeft namelijk brede bladeren die gelijkenis tonen met de bladeren van maïsplanten.
Bij deze Dracaena vertakken de bladeren dichtbij elkaar. Het zijn compacte bollen van bladeren op drietal stammen.
Deze Dracaena heeft een iets donkerder blad met daarover witte strepen. Vandaar de naam White Stripe natuurlijk!
De Dracaena is het meest tevreden met een lichte plek in je woonkamer, maar een plek in de schaduw is ook niet erg.. Je kunt de volgende richtlijn aanhouden:
De Dracaena is een stoere kamerplant die het goed doet op een lichte plek, maar ook in de schaduw kan staan. Voorkom dat de plant te nat staat, want dat kan wortelrot veroorzaken. Voel daarom regelmatig aan de kluit om te bepalen of water nodig is. Geef liever iets te weinig dan te veel water. Tweewekelijks voeden met Pokon Bio Groene Planten Voeding in het groeiseizoen helpt om de plant sterk en gezond te houden.
Hoewel de Dracaena van oorsprong gewend is om weinig water tot zich te nemen, verlangt hij in je huiskamer zo nu en dan toch een slok water. Je kunt het beste aan de kluit voelen en beoordelen of het nodig is om water te geven. Twijfel je of het nodig is? Geef dan een weekje niet, zodat je zeker weet dat de wortels van de Dracaena niet te nat worden en er geen wortelrot optreedt. Je kunt trouwens ook merken dat je te veel water geeft als de bladeren bruin of geel worden.
Om van je Dracaena een sterke krachtpatser te maken, kun je hem tweewekelijks voorzien van Pokon Bio Groene Planten Voeding. Doe dit wanneer de voeding uit de potgrond compleet is opgenomen, dit staat altijd op de verpakking vermeld. Van april tot en met augustus heeft de plant voeding nodig, in de winter kan de Dracaena goed zonder voeding.
Gele bladeren bij de Dracaena kunnen een teken zijn van te veel water of wortelrot. Ook een tekort aan licht kan de oorzaak zijn. Controleer daarom de standplaats en pas de watergift aan. Zorg dat de plant niet te nat staat en geef water alleen als de grond droog aanvoelt.
De Dracaena behoort tot de kamerplanten die een extra luchtzuiverende werking hebben. Schadelijke stoffen worden uit je huis gezuiverd!
Je kunt de Dracaena goed snoeien. Doe dit tussen de maanden april en september. Je zorgt er zo voor dat er meer licht bij de stam komt, waardoor er meer nieuwe uitlopers zullen ontstaan. Takken verwijder je met een snoeischaar. De bladeren die je wilt verwijderen scheur je eerst in de lengte en daarna scheur je ze van de stam af. Zo blijft de stam netjes.
Last van mieren? Met deze planten tegen mieren verstoor je hun looproutes en houd je je tuin op een natuurlijke manier vrij van mieren.
Wil je snel kleur in je tuin of balkon, maar heb je geen groene vingers? Goed nieuws: er zijn genoeg zomerbloeiers die je kant-en-klaar kunt kopen én makkelijk in leven kunt houden (ja, zelfs jij)
Helpt azijn tegen mieren? Lees hoe je het gebruikt, de nadelen en waarom het geen blijvende oplossing is. Ontdek wat beter werkt.
Werkt mieren bestrijden met zout? Ontdek hoe je het gebruikt, waarom het vaak niet genoeg is en welke oplossingen wel effectief zijn tegen mieren.
Of je nu een beginnende plantenliefhebber bent of al jaren groene vingers hebt: de Pokon Plantengids is jouw betrouwbare bron voor alles wat groeit en bloeit. Van tropische kamerplanten tot kleurrijke tuinbloeiers en van luchtzuiveraars tot vetplanten, je vindt hier alle informatie die je nodig hebt om jouw planten gelukkig te maken.
Bij Pokon geloven we dat een gezonde plant begint bij de juiste verzorging. Daarom delen we niet alleen onze kennis over licht, water en voeding, maar ook over potgrond, verpotten en het herkennen van signalen van je plant. Zo geef jij jouw groene vrienden precies wat ze nodig hebben om te groeien, bloeien en jouw huis of tuin op te fleuren.
Laat je inspireren door ons uitgebreide overzicht van plantensoorten en gebruik de handige filters om snel jouw perfecte match te vinden.