De taxus (vroeger booghout genoemd) is een erg populaire tuinplant. Hij wordt vo...
Planttype: Conifeer
Grondsoort: alle grondsoorten, kleigrond (kalkhoudend), kalkrijke grond
Bemesten: twee keer per jaar
Vochtigheid: droog, normaal, vochtig
Standplaats: schaduw, halfzon, zon
Wind: windbestendig
Gebruik: heidetuin, haagplant
Groeiwijze: kegelvormig
Blad/loof: groen
Winterhardheid: goed (-23,3 tot -17,8°C), USDA zone 6
De taxus groeit het liefste op grond waarin voldoende humus en kalk aanwezig is. Maar de taxus kan ook groeien op de meeste andere grondsoorten. Hij houdt alleen niet van hele zware natte kleigronden.
Een taxus kan veel schaduw verdragen. De taxus kan het beste tot half mei geplant worden of direct na de zomer (begin september). Let wel op dat de wortels van de taxus niet te nat zijn wanneer je hem plant, anders kan wortelrot ontstaan.
Taxus groeit in een tweetal perioden: het eerste (maart/april) en tweede (juli) schot. Het is belangrijk dat je voorafgaande aan die groeiperiodes zorgt dat de taxus voldoende voedingsstoffen heeft. Geef daarom voor ieder schot speciale voeding voor Taxussen. Daarnaast is het aan te raden één keer per jaar kalk te strooien.
De taxushaag kan het hele jaar door gesnoeid worden, zolang het maar niet vriest. De beste snoeitijd is tussen september en oktober. De taxus groeit niet erg snel, dus meestal is één keer snoeien per jaar genoeg. Let op dat je nooit snoeit bij zeer zonnig weer, de blaadjes die na de snoei aan de oppervlakte verschijnen zullen verbranden.
De taxus heeft vooral na het planten veel water nodig. Zelfs als het geregend heeft is het aan te bevelen extra water te geven, aangezien het meeste op het blad valt en de wortels niet bereikt. Sproei dan ook altijd op de bodem en niet op het blad.
Taxus kan last hebben van verschillende plagen en ziekten. Hier zijn een paar veelvoorkomende:
Bieten (Beta vulgaris) zijn een populaire groente in de moestuin vanwege hun zoe...
Planttype: Groente
Grondsoort: Pokon Bio Moestuin Grond Turfvrij
Bemesten: 1x per 3 maanden met Pokon Bio Moestuin Mest
Vochtigheid: Regelmatig water geven
Standplaats: Zonnige tot halfschaduw plekken
Hoogte: Tot 40 cm
Groeiwijze: Opgaand
Blad/loof: Groen, eetbaar
Geef je bieten regelmatig water, vooral tijdens droge periodes. Zorg ervoor dat de grond vochtig blijft, maar niet drassig, om schimmelinfecties te voorkomen. Een consistent waterregime helpt om gelijkvormigheid in de grootte van de bieten te bereiken.
Voor gezonde en stevige bieten is het belangrijk om de planten goed te voeden. Gebruik daarvoor Pokon Bio Moestuin Mest, een biologische meststof die zorgt voor sterke moestuinplanten. Geef om de 60 dagen voeding om te zorgen dat ze voldoende voedingsstoffen hebben om goed te groeien. Wil je bieten in pot zetten? Kies dan voor Pokon Bio Moestuingrond.
De juiste grond is essentieel voor de groei van bieten. Gebruik Pokon Bio Moestuin Grond Turfvrij voor een luchtige en vruchtbare voedingsbodem die water goed buffert.
Zo kun jij binnenkort genieten van je zelfgekweekte bieten!
Check altijd de verpakking, daarop staat de juiste zaaidiepte vermeld. Over het algemeen dienen bieten zaden tot ongeveer 1 tot 2 cm diep geplant te worden. Maak vooraf de grond goed los. Dit helpt bij een goede ontkieming en sterke wortelontwikkeling.
Wil je voorzaaien? Maak dan gebruik van Pokon Bio Zaai & Stek Grond.
Bieten zijn meestal klaar om te oogsten als ze ongeveer zo groot zijn als een tennisbal. Grotere bieten kunnen houtachtig worden, dus probeer ze op tijd te oogsten voor de beste smaak.
De leuke Ananasplant groeit oorspronkelijk in het oerwoud, maar is tegenwoordig ...
De Ananasplant, ook wel de Bromelia Corona, behoort tot de Bromelia familie en groeit oorspronkelijk in de oerwouden van Uruguay. Inmiddels is de plant in Nederland erg populair geworden als kamerplant. Naast dat deze Bromelia er erg leuk en speels uitziet, staat de plant ook bekend als de anti-snurk plant. De Ananasplant heeft namelijk een luchtzuiverende werking en produceert meer zuurstof dan andere kamerplanten. De verse zuurstof kan het snurken verminderen of stoppen. Dit heeft mede te maken met het enzym bromelaïne, dat een ontstekingsremmende werking en gunstig effect op de luchtwegen heeft. Dit enzym bevindt zich voornamelijk in de steel van de plant.
Zet de Ananasplant op een lichte plek in huis, maar niet in het directe zonlicht. Eén of twee meter van het raam is goed. Direct zonlicht kan namelijk uitdroging veroorzaken. Probeer de Ananasplant daarnaast ook niet te dicht bij de verwarming te zetten.
Zorg dat de grond licht vochtig blijft, maar voorkom dat de wortels van de Ananasplant in stilstaand water staan. Zet de plant op een lichte plek, maar niet in direct zonlicht, want dat kan de plant uitdrogen.
De Ananasplant is geen lastige plant, maar zal het goed doen als hij af en toe wat voeding krijgt. Probeer dit vooral in de zomer één keer in de twee weken te doen. Je kunt de basis kamerplantenvoeding gebruiken voor de Ananasplant. Deze voeding voeg je gemakkelijk aan het water toe, dat je vervolgens aan de plant geeft. In de wintermaanden is de Ananasplant in rust en hoef je geen extra voeding te geven.
De Ananasplant heeft niet heel veel onderhoud nodig. Water hoef je maar één keer per week te geven. Zorg er wel voor dat je het water in het hart van de plant giet, op de plek waar de hij zijn voeding vandaan haalt. Het is belangrijk dat de grond altijd een beetje vochtig is, maar ook dat de wortels niet in een laagje water staan. Dit kan rottende wortels veroorzaken.
De Ananasplant kan gele bladeren krijgen. Dit kan verschillende oorzaken hebben, zoals te veel water waardoor de wortels kunnen rotten en de bladeren geel worden. Ook kan een verkeerde standplaats de oorzaak zijn; te veel direct zonlicht kan de bladeren uitdrogen en geel maken. Daarnaast kan een tekort aan voeding of een te koude plek leiden tot vergeling van de bladeren. Let dus goed op de watergift, standplaats en voeding om je Ananasplant gezond te houden.
De Ananasplant zal het extra goed doen als hij in de juiste, voedingrijke bodem staat. Kamerplanten potgrond is geschikt voor de Ananasplant en zorgt voor een mooie, gezonde plant. Je hoeft de ananasplant tussendoor niet te verpotten, aangezien deze plant maar één keer bloeit en daarna (helaas) verwelkt.
De kleine ananas is een vrucht en zal van de Ananasplant vallen wanneer de tijd rijp is. Wanneer dit gebeurt, zal de hele plant sterven. De levensduur van de Ananasplant is vaak slechts drie tot vier maanden. Je kunt hier weinig aan doen, behalve de plant erg goed verzorgen. Dit verlengt de levensduur misschien iets. Het is natuurlijk jammer als je maar zo kort van de Ananasplant kunt genieten. Gelukkig kun je de plant zelf wel weer stekken! Soms groeien er naast de plant al kleine nieuwe plantjes, welke je voorzichtig los kunt maken en in nieuwe aarde kunt planten. Deze zullen vanzelf weer gaan groeien. Nog geen kleine plantjes? Dan kun je de bovenkant van je huidige Ananasplant afsnijden, wanneer de plant begint te verdorren. Stop deze in nieuwe potgrond en geef ongeveer één keer per week water. In een mum van tijd heb je weer een nieuwe, mooie Ananasplant!
De Anemoon kan worden onderverdeeld in voorjaarsbloeiers met knol en voorjaarsbl...
De Anemoon vindt zijn oorsprong in gematigde gebieden in Europa, in Japan en Azië. De herfstanemoon en de bosanemoon zijn de bekendste soorten. De herfstanemoon staat ook wel bekend als de Japanse Anemoon. Deze bloem is er in de meest uiteenlopende varianten en behoort tot de ranonkelfamilie (Ranunculaceae).
De Anemoon is winterhard, maar niet wintergroen.
Er zijn 120 verschillende soorten Anemoon. De bekendste soorten zetten we graag voor je op een rij:
De Anemone Nemorose is een variant die klein blijft. Hij bereikt een maximale hoogte van 5 tot 10 centimeter. Dit maakt hem perfect om de border mee op te vullen. Het liefst staat deze variant op een plekje waar halfschaduw tot schaduw is. In de maanden maart tot en met mei kun je genieten van kleine, witte bloemetjes.
Anemoon Hupehensis is een herfstanemoon met lichtroze bloemen met een geel hart. In de maanden juli tot en met september bloeit deze Anemoon volop. Deze variant bereikt een hoogte van 60 tot 90 centimeter en staat het liefst in de volle zon of halfschaduw.
De Blada steelt de show met zijn opvallende kleuren. Hij is er namelijk in het wit, paars/blauw en roze. Vaak wordt deze Anemoon als mengsel verkocht. De Anemone Blada is een knolgewas en bereikt een hoogte van 10 tot 15 centimeter. Hij bloeit in de periode maart-april en staat bij voorkeur in de volle zon of op een plek met lichte schaduw.
In tegenstelling tot andere Anemoon soorten is de Anemone Coronaria matig winterhard. Haal de knollen daarom in de nazomer uit de grond en bewaar ze droog en vorstvrij. Mocht je de knollen in de grond willen laten zitten, dan kun je ze afdekken met blad of stro. De Coronaria staat het liefst in de volle zon en bereikt een hoogte van 25 tot 50 centimeter. Hij bloeit in de maanden mei tot en met oktober.
De Anemoon Sylvestris is te herkennen aan de grote, witte bloemen. Wanneer deze Anemoon uitgebloeid is krijgt hij decoratief vruchtpluis. De Sylvestris geeft de voorkeur aan een plek in de volle zon of lichte schaduw. Hij bloeit in mei en juni en bereikt een hoogte van 25 tot 35 centimeter.
Augurken (Cucumis sativus) zijn geliefde planten die veel worden gebruikt in de ...
Planttype: Groente
Grondsoort: Pokon Bio Moestuin Grond Turfvrij
Bemesten: Iedere week met Pokon Bio Moestuin Voeding
Vochtigheid: Regelmatig water geven
Standplaats: Volle zon
Hoogte: 100-150 cm
Groeiwijze: Klimmend
Blad/loof: Groenblijvend, middelgroot
Augurken hebben regelmatig water nodig, vooral tijdens de warme zomermaanden. Houd de grond vochtig, maar vermijd dat deze drassig wordt om wortelrot te voorkomen.
Een leuk weetje: augurken groeien voornamelijk 's nachts wanneer het koeler is, je kunt de augurk daarom ook beter in de avond water geven. Voorkom dat bladeren nat worden tijdens het water geven om schimmelziekte te voorkomen.
Wanneer je augurk in pot staat kun je het beste Pokon Bio Moestuin Voeding geven. Deze voeding is speciaal voor gewassen in pot ontwikkeld. Omdat de voeding in een pot sneller wegstroomt dien je deze voeding iedere week te geven. Staat je augurken plant in de volle grond? Kies dan de Pokon Bio Moestuin Mest.
Augurken groeien goed in een potgrond zoals de Pokon Bio Moestuin Grond Turfvrij. Deze potgrond is geschikt om de volle grond mee te verrijken of om je augurken plant in pot te zetten. Zet je een augurkenplant in pot? Hanteer dan een diameter van 35-45 cm.
Ja, augurken kunnen in potten worden gekweekt, mits de potten groot genoeg zijn om de wortels te laten groeien. Zorg voor een diameter van 35-45 cm en zorg ook voor een klimhulp.
Oogst augurken wanneer ze ongeveer 10-15 cm lang zijn en voordat ze beginnen te vergelen. Regelmatig oogsten zorgt dat er uiteindelijk meer augurken groeien aan je plant.
Gebruik deze tips om je augurken te kweken en geniet van de heerlijke, zelf geteelde augurken!
Binnen de uitgebreide Alocasia familie is de Alocasia Zebrina een opvallende en ...
De Alocasia wordt ook wel Olifantsoor genoemd. Dit komt door de bladeren die net zo groot kunnen worden als een olifantsoor. De Alocasia Zebrina heeft iets minder grote bladeren en is goed als kamerplant te houden. Deze plant heeft zijn naam te danken aan de zebraprint op de bladstelen. Daarnaast is de Alocasia Zebrina ook te herkennen aan zijn lange, pijlvormige bladeren. Deze leuke kamerplant geeft zo een jungleachtige sfeer aan jouw kamer.
De ideale Alocasia Zebrina standplaats is een lichte plek, maar niet in direct zonlicht. Deze tropische plant komt oorspronkelijk uit Azië en is gewend aan veel licht en warmte. Een warme kamertemperatuur vindt hij prettig, maar zet hem liever niet boven de verwarming, want dat kan de grond te snel laten uitdrogen. Indirect zonlicht is perfect, bijvoorbeeld bij een raam met een gordijn ervoor. Zo blijft je Alocasia Zebrina gezond en mooi.
Het voeden van Alocasia Zebrina is vooral belangrijk tijdens de groeiperiode. In de wintermaanden heeft de plant geen extra voeding nodig. Vanaf februari kun je weer beginnen met één of twee keer per week plantenvoeding geven. Gebruik hiervoor bijvoorbeeld Pokon Kamerplanten Voeding. Zo groeit je Alocasia Zebrina beter en blijft hij mooi en gezond.
Alocasia Zebrina water geven doe je het best met kleine beetjes en op het juiste moment. Zorg ervoor dat de grond altijd licht vochtig blijft, maar niet te nat. Een te natte grond kan namelijk wortelrot veroorzaken. Geef regelmatig een beetje water en besproei de bladeren af en toe. Als de plant te weinig of juist te veel water krijgt, gaan de bladeren hangen en zie je snel dat er iets mis is.
Gele bladeren bij de Alocasia Zebrina zijn vaak een teken dat de plant niet helemaal tevreden is. Dit kan komen door te veel water, te weinig licht of een plotselinge verandering in temperatuur. Controleer of de grond niet steeds nat is en zet de plant op een lichte plek zonder direct zonlicht. Gele bladeren kun je voorzichtig weghalen zodat de plant zich kan richten op gezonde groei. Pas je verzorging aan en houd de plant goed in de gaten om nieuwe gele bladeren te voorkomen.
Alocasia Zebrina snoeien helpt de plant gezond te houden. Oude bladeren kun je gerust afknippen, het liefst een paar centimeter boven de grond. Zo voorkom je dat de plant energie steekt in bladeren die al slap hangen. Gebruik een schoon en scherp snoeischaartje om beschadiging te voorkomen. Na het snoeien kan de Alocasia zich beter richten op nieuwe, sterke bladeren. Lees meer over kamerplanten snoeien.
Voor een Alocasia met mooie, groene bladeren is de juiste potgrond belangrijk. Gebruik Pokon Kamerplanten Potgrond voor jouw Alocasia Zebrina. Deze potgrond is geschikt voor zowel bloeiende als groene planten. Hier zit meteen voldoende voeding in voor ca. 60 dagen. Ook andere voedingsstoffen in de potgrond worden door jouw Alocasia Zebrina opgenomen. Na een tijd is de grond dan ook helemaal verbruikt en doe je er goed aan om je Alocasia te voorzien van nieuwe potgrond. Zorg daarom dat je jouw Alocasia Zebrina elke twee jaar verpot. Verwijder hierbij zoveel mogelijk van de oude grond. Wanneer de plant te groot wordt voor de plantenbak mag je de Alocasia ook verpotten.
Opvallende, grote bloemschermen in de kleuren wit, geel, paars of blauw. De sier...
Van oorsprong vind je Allium vooral in Europa, Azië en het Midden-Oosten. Allium, ook wel sierui genoemd, behoort tot de lookfamilie. Deze plant behoort dan ook tot dezelfde familie als knoflook, bieslook en prei.
Er zijn onwijs veel verschillende soorten Allium, namelijk wel 300! Bijna allemaal bloeien ze in de zomer. Het verschil tussen al deze soorten zit in de maximale hoogte, de kleur van de bloemen, de groeiwijze van de bloem en de bloemgrootte. Hieronder vind je vijf populaire soorten.
De Giganteum is de grootste variant Allium die er is. De bollen met bloemen van deze variant kunnen een doorsnede hebben van maar liefst 15 centimeter en zijn paars van kleur. Ook in hoogte is deze variant een reus. Hij kan namelijk een hoogte bereiken van maar liefst 180 centimeter. Een echte eyecatcher in jouw border.
De bloemen van de Allium Purple Rain hebben een donker lila kleur. In tegenstelling tot de bloemen van de Giganteum zien die van de Purple Rain er veel luchtiger uit. Allium Purple Rain wordt gemiddeld 90 centimeter hoog en bloeit in de maanden juni en juli.
Wanneer je zoekt naar een apartere Allium, dan is de Allium Amethystinum Red Mohican misschien iets voor jou. Deze Allium krijgt namelijk geen paarse, maar rode bloemen. Deze bloemen bloeien vooral in juli.
De Allium Caeruleum kenmerkt zich door de blauwe bloemetjes. Deze variant sierui blijft iets lager, namelijk 40 centimeter. Hierdoor is hij goed te combineren met andere planten in je border.
De Flavum staat het liefst op de warmste plek in de tuin. Hij krijgt gele, klokvormige bloempjes die wat hangen.
Ken je de Asparagus oftewel sierasperge al? Het is een echt een plaatje met zijn...
De Asparagus komt van oorsprong uit Zuid- en Midden-Afrika en Azië. Deze groene kamerplant behoort tot de familie van de Liliaceae of lelieachtigen en telt zo'n 300 soorten.
De Asparagus staat graag op een lichte plek, maar kijk uit met direct zonlicht. Wanneer de bladeren bruin kleuren dan staat de Asparagus waarschijnlijk iets te veel in het zonnetje en zijn de fijne bladeren verbrand.
De Asparagus is een sterke plant met fijn blad die soms witte bloemen geeft en goed staat in ieder interieur. Om de plant mooi te houden kun je in het voorjaar of de zomer de lange scheuten inkorten zodat hij zijn vorm behoudt.
In het bloeiseizoen kun je de Asparagus voeden met Bio Kamerplanten Voeding. Geeft de plant van mei tot september plantenvoeding.
De Asparagus lust wel van een slokje water. Deze plant vind het echter niet fijn als de grond continu nat is. Zorg dat tussen de gietbeurten de grond iets opdroogt voordat je de plant opnieuw water geeft. Geef niet teveel water in één keer.
Gele bladeren bij de Asparagus kunnen wijzen op stress of schade aan de plant. Dit kan bijvoorbeeld ontstaan door te veel zonlicht, waardoor de fijne bladeren verbranden en geel worden. Ook kan het voorkomen door natuurlijke veroudering van de bladeren. Het is belangrijk om beschadigde of vergeelde bladeren te verwijderen om de plant gezond te houden. Let daarnaast op dat de plant niet wordt blootgesteld aan tocht of extreme temperatuurschommelingen, want dat kan ook leiden tot vergeling van het blad.
Gebruik in de pot onderin hydrokorrels dat voorkomt dat de Asparagus met zijn wortels in het water komt te staan. Daar houdt deze plant namelijk niet van. Gebruik verder Kamerplanten Potgrond voor een goede start.
Let op: deze plant is licht giftig. Pas op voor huisdieren en kinderen.
Cichorium endivia, beter bekend als andijvie, is een bladgroente die veel gebrui...
Planttype: Groente
Standplaats: zon
Hoogte: 30 cm
Grondsoort: Moestuin Grond
Bemesten: voorjaar, zomer
Blad/loof: groen, eetbaar
Zaai- en planttijd: februari, maart, april, mei, juni, juli, augustus
Oogsttijd: mei, juni, juli, augustus, september, oktober
Gebruik: koken
Wie in de lente wil genieten van verse andijvie start in de maand februari met voorzaaien in kweekbakken met vermiculiet. Vanaf maart kun je echter al beginnen met zaaien in de volle grond. Zaai op ongeveer 0,5 cm diepte en geef daarna voldoende water.
Vroege vogels die in februari zijn gestart met voorzaaien mogen vanaf begin april de zaailingen verplanten naar een plekje in de volle grond. Gebruik daarvoor een plantafstand van 30 cm en een rijafstand van 35 cm. Dit geldt ook voor de zaailingen die direct buiten zijn gezaaid. Om de andijvieplanten voldoende groeiruimte te geven dun je de zaailingen uit en plant je ze op een ander plekje. Dit wordt ook wel verspenen genoemd.
Andijvie stelt niet veel eisen aan de bodem, zolang deze maar goed vocht kan vasthouden. Net als veel andere bladgroenten houdt andijvie wel van een bemeste bodem. Voor de beste smaak maak je gebruik van biologische meststoffen of bemeste biologische moestuingrond.
Andijvie vraagt niet om heel veel verzorging, een natte en vochtige grond is het belangrijkste. Geef altijd water aan de voet van de plant en nooit op de plant. Zo komt het water direct bij de wortels en behoud je een vochtige grond. Houd de andijvieplanten verder goed in de gaten, ze schieten immers snel door. Dit betekent dat de plant start met het aanmaken van bloemen waarbij alle energie naar het aanmaken van nieuwe zaden gaat. Dit komt de kwaliteit en smaak van de bladgroente niet ten goede. Soms kunnen andijviebladeren bruin kleuren, dit kun je gewoon wegsnijden.
De tijd van zaaien tot oogsten duurt bij andijvie vaak 8 tot 10 weken. Afhankelijk van wanneer je de andijvie hebt gezaaid kun je van mei t/m eind oktober oogsten. Dit kun je op twee manieren doen; door de plant met krop, wortel en al te oogsten, of door de bladeren af te snijden. Bij de eerste methode blijft de groente langer fris. Na het oogsten kun je de andijvie het beste dezelfde dag nog bereiden en consumeren, andijvie blijft immers niet lang vers.
Planttype: Kruiden, Vaste plant
Standplaats: zon
Grondsoort: Moestuin Grond
Bemeste...: voorjaar, zomer
Vochtigheid: normaal
Hoogte: 50 cm
Snoeien:
De plant sterft elke winter af en loopt in het voorjaar weer uit. Net voor het uitlopen kan het oude loof afgeknipt of weggehaald worden, dus snoei zo rond maart.
Wind: beschut tegen harde wind
Bloem: roze, paars
Bloeitijd: juli, augustus, september
Blad/loof: grijsgroen
Gebruik: soepen, groenteschotels
Winterhardheid: goed (-23,3 tot -17,8°C), USDA zone 6
Een appelboom is altijd een goed idee. Naast dat appels heel smaakvol zijn als t...
Planttype: Fruit(boom)
Standplaats: zon
Grondsoort: Moestuin Grond
Bemesten: voorjaar, zomer met Bio Fruitbomen Mest
Vochtigheid: normaal
Hoogte: 200 cm, 300 cm
Bloem: wit, roze
Bloemvorm: redelijk zelfbestuivend
Bloeitijd: laat
Rijptijd: eind september, midden oktober
Vrucht: saprijk, zoet, vast vruchtvlees, aangenaam aroma
Gebruik: handfruit/tafelfruit
Winterhardheid: goed (-23,3 tot -17,8°C), USDA zone 6
Het eerste jaar, tijdens of direct na het planten, wordt de koptak voor 1/3 teruggesnoeid en meestal ook de drie zijtakken (gesteltakken). Dit gebeurt omdat de boom nog moet groeien en zich moet vormen. Het volgende jaar worden de takken die gegroeid zijn op de insnoeiplaatsen weer voor 1/3 ingesnoeid. Dit blijf je herhalen totdat de boom de gewenste grootte heeft bereikt. Daarna snoei je de koptak en de gesteltakken niet meer en stopt de hoogte- en breedtegroei vanzelf. Door het insnoeien van de koptak en de gesteltakken komen er kleine takjes aan de ingesnoeide takken. Deze kleine takjes zijn belangrijk, dit worden namelijk de takjes waar vruchtknoppen en later de vruchten aan komen. Deze kleine takjes mag je nooit insnoeien! Hoe ouder deze takjes worden, hoe meer vruchtknoppen, hoe meer vruchten.
Bij oudere bomen kunnen op de gesteltakken weleens lange eenjarige loten ontstaan, dit zijn de zogenaamde waterloten. Als de boom van binnen te vol is moet je deze loten in z'n geheel verwijderen (nooit half doorknippen want dan ontstaan er weer zijtakken aan en krijg je een boom in een boom). Als er ruimte genoeg is mag je deze loten laten staan (niet inknippen) en het tweede jaar ook niets aan doen, zo ontstaat er een nieuwe vruchttak. Let op: het eerste jaar groeit een loot, het tweede jaar gaat hij vruchtknoppen zetten en het derde jaar kan hij vruchten geven. Je krijgt een boom nooit 'klein' door zwaar te snoeien, want: snoeien doet groeien.
Let bij het snoeien goed op wat bloem- en bladknoppen zijn, bloemknoppen 'staan' op de tak en bladknoppen 'liggen' op de tak. Bij twijfel wachten met snoeien tot het voorjaar. De eerste knoppen in de boom die groen worden zijn altijd bloemknoppen en bladknoppen worden pas zo'n veertien dagen later 'wakker'. Bij het 'wakker' worden van de bloemknoppen kun je nog rustig snoeien.
Lees hier meer over fruitbomen en struiken snoeien.
Solanum melongena, beter bekend als de aubergine of eierplant, is een vruchtgroe...
Planttype: Groente
Standplaats: zon
Hoogte: 75 cm, 100 cm, 125 cm
Snoeien: Knip alle groene delen in oktober/november terug om de plant in model te brengen (voor je ze naar binnen haalt).
Groeiwijze: opgaand
Grondsoort: Moestuin Grond
Bemesten: voorjaar, zomer
Bloem: lila
Blad/loof: groen
Vrucht: paars, eetbaar
Gebruik: verse consumptie, stoven
Zaaitijd: januari, februari
Planttijd: april, mei
Oogsttijd: juli, augustus, september
Er bestaan veel auberginesoorten in verschillende vormen, kleuren en maten. Zo heb je naast de bekendere paarse ovale soorten ook goudgele ronde soorten (bijvoorbeeld Golden Eggs), witte ovale soorten (White Egg), geribbelde ovale soorten (Violetta di Firenze) en gestreepte soorten (zoals Tsakoniki). Early Black Egg en Morden Midget zijn vrij tolerant in onze wat koudere klimaten en vormen daarmee de ideale beginnersoorten.
Doordat aubergineplanten van origine uit veel warmere oorden komen is de plant een wat lastiger te kweken groente. Om het zaaigoed te laten ontkiemen start je eind februari al met het voorzaaien in zaaibedden. Dit doe je in een verwarmde omgeving die, zowel dag als nacht, een temperatuur heeft van 25 graden. Afhankelijk van de warmte zullen de zaden dan in ongeveer 2 tot 3 weken ontkiemen.
In de maanden april of mei verplant je de zaailingen naar aparte grotere potjes. Vanaf de maand juni mag je de aubergineplantjes dan uitplanten in de volle grond. Gebruik hiervoor een plantafstand van 50 cm.
Aubergineplanten stellen niet veel eisen aan de grond, zolang deze maar niet te zuur en goed waterdoorlatend is. Maak de grond wat luchtiger door de bovenlaag te vermengen met wat compost, dit is ook meteen voeding voor de plant. Gebruik als bodem altijd biologische potgrond, zo verzeker je jezelf van een lekkere oogst.
Zodra de prachtige paarse of witte bloemen tevoorschijn komen kun je de aubergineplant door de plant lichtjes te schudden, helpen met de zelfbestuiving. Afhankelijk van de vruchtgrootte van het ras is het vaak verstandig om de plant ook te ondersteunen met stokken.
Zodra de aubergines hun uiteindelijke kleur hebben gekregen en je met je vingers licht in de vrucht kunt duwen is het tijd om te oogsten. Snijd met een scherp en schoon mes door het steeltje en verwijder zo de vrucht van de plant. Door regelmatig te oogsten maakt de plant sneller nieuwe vruchten aan.
Aubergines mag je overigens net als aardappels nooit rauw opeten! Pas als de groente is verhit, is de schadelijke hoeveelheid van de stof solanine verdwenen.
Wil je snel kleur in je tuin of balkon, maar heb je geen groene vingers? Goed nieuws: er zijn genoeg zomerbloeiers die je kant-en-klaar kunt kopen én makkelijk in leven kunt houden (ja, zelfs jij)
Helpt azijn tegen mieren? Lees hoe je het gebruikt, de nadelen en waarom het geen blijvende oplossing is. Ontdek wat beter werkt.
Werkt mieren bestrijden met zout? Ontdek hoe je het gebruikt, waarom het vaak niet genoeg is en welke oplossingen wel effectief zijn tegen mieren.
Mieren in de keuken bestrijden? Lees hoe je ze voorkomt, geursporen verwijdert en effectief aanpakt met hygiënische oplossingen zoals lokdoosjes.
Of je nu een beginnende plantenliefhebber bent of al jaren groene vingers hebt: de Pokon Plantengids is jouw betrouwbare bron voor alles wat groeit en bloeit. Van tropische kamerplanten tot kleurrijke tuinbloeiers en van luchtzuiveraars tot vetplanten, je vindt hier alle informatie die je nodig hebt om jouw planten gelukkig te maken.
Bij Pokon geloven we dat een gezonde plant begint bij de juiste verzorging. Daarom delen we niet alleen onze kennis over licht, water en voeding, maar ook over potgrond, verpotten en het herkennen van signalen van je plant. Zo geef jij jouw groene vrienden precies wat ze nodig hebben om te groeien, bloeien en jouw huis of tuin op te fleuren.
Laat je inspireren door ons uitgebreide overzicht van plantensoorten en gebruik de handige filters om snel jouw perfecte match te vinden.
