Veelgestelde vragen

Antwoord op de meest voorkomende vragen
externalId=pokon-faq-page-2.2.1.1.1&filter[active]=1&sort=title&filter[category]=/Vragen over snoeien
Bij het afzagen van een tak scheurde de bast in, wat doe ik daar aan?

1. Zaag de tak af op zo’n 30 cm vanaf de stam, omhet meeste gewicht van de tak te halen.

2. Zaag de tak daarna aan de onderzijde een kleinstukje in, net buiten de takkraag.

3. Zaag de tak dan buiten de takkraag netjes af, zodat er een gladde wond ontstaat.


Als een tak in de weg zit of de boom opgekroond moet worden, moet je weleens een dikke tak weghalen. Zaag daarbij altijd net buiten de takkraag, de verdikking bij de overgang van stam naar tak. Als de takkraag intact blijft, kan een boom zijn wondensneller afgrendelen en overgroeien. Bij het afzagen kan een tak soms plotseling doorbreken, waarbij er vaak ook een reep bast van de stam afscheurt. Omdat dit een invalspoort voor ziekten is, smeer je in dat geval een wondafdekmiddel op de plek. Het inscheuren van de bast kun je voorkomen door dikke takken in drie etappes af te zagen.

Boven mijn tuintafel zorgt een dakplatan 's zomers voor schaduw. Hoe houd ik hem plat?

Omdat een plataan goed reageert op snoei en je de jonge takken uitstekend kunt leiden, is hij heel geschikt als groene parasol. Wel is eenplataan van nature een sterke groeier, die in de loop van het seizoen veel opgaande scheuten vormt. Om je dakplataan in model te houden, snoei je die scheuten elk jaar terug tot op 2 cm van de gesteltakken. Dat kun je doen net voordat het bruine blad afvalt of tijdens de rustperiode in de winter. Groeit hij erg
sterk, kort dan de eenjarige scheuten rond juni alvast met de helft in.

De Mahonia in mijn tuin heeft zijn mooiste tijd wel gehad. Wanneer kan ik hem snoeien?

Omdat wintergroene struiken het hele jaar in blad staan, kennen ze geen echte rustperiode. Maar veel wintergroene plantensoorten groeien vrij langzaam en regelmatig,zodat ze nauwelijks snoei nodig hebben. Bij een Skimmia kun je af en toe een tak weghalen die buiten de groeivorm uitsteekt, bij camelia’s bestaat de snoei vooral uithet wegknippen van uitgebloeide bloemen. Als er soorten zijn die je wel wilt snoeien, doe dat dan na de bloei. Viburnum tinus kun je rond april/mei in model knippen, Mahonia in mei/juni. Ook een rododendron mag je in juni eventueel wat terugnemen als hij te ver uitgroeit. Bij hulst komt de groei pas laat op gang, zodat je die pas in juli in model snoeit. Lavendel en rozemarijn zijn eveneens wintergroen, maar ook vorstgevoelig. Snoei ze in het voorjaar als ze uit beginnen te lopen, dat is rond half april. Knip niet in het oude hout maar laat het groen aan de takken staan. Na de bloei kun je lavendel het best in juli nog lichtjes toppen om hem compact te houden.

Hoe snoei ik een bolcatalpa of een bolacacia als de kroon te groot wordt?

Bolboompjes bestaan uit een hoge onderstam waar een andere cultivar bovenop geënt is die de kroon vormt. Vaak worden voor de kroon zwakgroeiende cultivars gebruikt zodat ze klein blijven. Dit soort bolboompjes vraagt maar weinig plek en past dus ook in een voortuintje of kleine tuin. Bij een bolcatalpa (Catalpa bignonioides ’Nana’) mag je de kroon in principe elk jaar terugsnoeien. Wil je een iets grotere kroon, dan kan het ook om het jaar. Snoei hem in de winter of begin voorjaar tot op 10 cm van de entplaats terug. Bij een bolacacia (Robinia pseudoacacia ’Umbraculifera’) snoei je de kroon ieder jaar, omdat de takken anders snel breken. Snoei een bolacacia pas rond het begin van het voorjaar, eind februari of begin maart, mits het niet vriest. Een bolcatalpa snoei je elk jaar of om het jaar terug.

Ik heb een Kornoelje met rode takken, maar de kleur wordt steeds fletser.

Cornus alba, C. sericea en C. sanguinea zijn de kornoeljes met kleurrijke takken. Met hun rode, geelgroene, zwarte oforanje bast brengen ze de tuin in de koudste maanden tot leven. De felrode C. alba ’Sibirica’ is het bekendst, maar ook C. sanguinea ’Midwinter Fire’ met oranjerode tot oranjegele takken wordt regelmatig aangeplant. De kleur is zeer intens bij eenjarige takken, maar loopt met de jaren terug. Snoei kornoeljes daarom aan het eind van de winter geheel of gedeeltelijk terug: zo vormen ze nieuwe scheuten, die de volgende winter voor kleur zorgen. Begin maart kun je ze helemaal bij de grond afknippen; het jaar erna knip je zo’n2 cm boven dit oudste hout. Je kunt ze ook iets hoger laten: knip de takkenop zo’n 20-30 cm hoogte af, zodat er in de loop der jaren een houtig gestel ontstaat.

Op een boomtak zijn veel opgaande scheuten ontstaan. Hoe krijg ik de boom weer in model?

Snoeien stimuleert het uitlopen van slapende knoppen. En hoe sterker je snoeit, hoe sterker een boom of heester zal reageren! Als je een tak dus een flink stuk inkort, ontstaan er op het resterende deel veel steil opgaande scheuten, die waterlot genoemd worden. Selecteer een paar scheuten die in de goede richting groeien, zodat de tak volgens zijn natuurlijke vorm kan uitgroeien. De overige scheuten dun je dan ’s winters uit door ze bij de aanzet glad weg te knippen.

Van verschillende struiken weet ik de naam niet en dus ook niet wanneer ik moet snoeien.

Bij bloeiende heesters kun je uitgaan van het principe dat je de struik snoeit na de bloei.


• BLOEI VÓÓR 21 JUNI Deze struiken leggen hun bloemknoppen aan op het oude hout. Bij voorjaarssnoei zou je die wegknippen, daarom snoei je ze pas na de bloei. Tot deze groep horen bijvoorbeeld de geleforsythia, witbloeiende Spiraea x vanhouttei, witte of roze Deutzia, Kolkwitzia, boerenjasmijn en sering. Voor veel soorten is verjongingssnoei een goede tactiek, waarbij je direct na de bloei een of enkele takken laag wegsnoeit.


• BLOEI NA 21 JUNI
Zomer- en herfstbloeiers bloeien op het nieuwe hout van dit groeiseizoen. Je kunt ze dus probleemloos in het voorjaar snoeien, als ze net uit beginnen te lopen. Tot deze groep behorenbijvoorbeeld de vlinderstruik, Lavatera (struikmalva), Hypericum (hertshooi), Hibiscus syriacus en Caryopteris.


Je kunt je plant ook opspeuren in de Pokon Plantengids.

Wanneer kan ik een boom het best snoeien?

Loofbomen snoei je in het algemeen tussen november en begin maart, als het blad afgevallen is en ze in rust zijn; kies een droge dag waarop het niet vriest. Maar er zijn een paar uitzonderingen op deze snoeiregel:


  • Prunussen (sierkersen, sierpruim en fruit als kers, pruim, perzik en nectarine) snoei je in juni/juli (bij fruit 1 à 2 weken na de oogst) in verband met loodglans.


  • Bij sommige bomen komt de sapstroom heel vroeg op gang, waardoor de snoeiwonden sterk kunnen bloeden, zoals bij Acer (esdoorn), Betula (berk), Carpinus (haagbeuk als boom, zuilvorm of bij het sterkterugzetten van een haag), kiwi en de klimplant Actinidia kolomikta, druif (Vitis) en sierdruiven. Snoei deze allemaal ruim voor kerst. Ook de walnoot (Juglans) hoort tot de bloeders, maar die snoei je het best in de zomer (bij esdoorn en berk is dit ook een mogelijkheid).
Welk snoeigereedschap gebruik ik bij welke klus?

SNOEISCHAAR EN TAKKENSCHAAR Investeer in een goede snoeischaar als je graag tuiniert, want die zul je vaak gebruiken. Een takkenschaar kan iets dikkere takken aan, zoals van heesters en bomen; een model met uitschuifbare armen is handig. Scharen met een papegaaienbek hebben twee snijdende messen waardoor ze zachte stengels en takken minder kneuzen. Een aambeeldschaar heeft één snijdend en een vast mes, wat hem geschikt maakt voor harde en dode takken.


SNOEIZAAG De kleine (soms inklapbare) zaagjes zijn handig voor de wat dikkere takken, maar ook smal genoeg om in het hart van een struik te kunnen zagen bij verjongingssnoei. Met een grotere beugelzaag kun je zware takken afzagen. Een elektrische zaag komt van pas in een tuin met veel bomen, maar ook bij het op maat zagen van haardhout.


HEGGENSCHAAR Messen met een golfsnede hebben meer grip op de scheuten, rechte messen knippenpreciezer. Een buxusschaar is een kleiner model met rechte messen, heel geschikt voor vormsnoei. Als je veel hagen hebt, kies dan een motor-heggenschaar (elektrisch, met accu of op brandstof).