Bladluizen zijn niet dol op extreme temperaturen, zowel koud als heet. Daarom kunnen ze in de wintermaanden minder actief zijn en in de zomermaanden kan een warme, droge periode hun aantallen verminderen. Ze hebben ook een hekel aan sterke wind omdat deze hen van planten kunnen blazen.
Daarnaast zijn er natuurlijke roofdieren zoals lieveheersbeestjes, sluipwespen en gaasvliegen die zich voeden met bladluizen. Deze nuttige insecten kunnen helpen om een bladluispopulatie onder controle te houden.
Bepaalde planten zoals knoflook, uien, bieslook en andere sterk geurende planten kunnen bladluizen afschrikken. Het planten van deze in de buurt van meer kwetsbare planten kan helpen om bladluizen op afstand te houden.
Engerlingen houden niet van sterk geurende planten zoals knoflook en uien. Deze planten worden ook wel gezien als natuurlijke afweermiddelen tegen engerlingen. Daarnaast hebben engerlingen een hekel aan droge grond en extreme temperaturen. Je tuin drooghouden kan helpen om ze af te strikken. Aaltjes kunnen een effectieve methode zijn om engerlingen te bestrijden.
Mieren houden niet van bepaalde planten. Het gaat hierbij vooral om planten die een sterke geur hebben, zoals munt en lavendel. Ook Afrikaantjes, goudsbloemen, bieslook, salie en basilicum zijn voorbeelden van planten die mieren liever vermijden.
Daarnaast kun je blaadjes uitstrooien. De blaadjes die effectief zijn bij de bestrijding van mieren zijn pepermuntblaadjes en verse tomatenblaadjes. Heb je deze niet, dan biedt een van de volgende huismiddelen wellicht de oplossing: uienpoeder, komkommerschillen of -schijfjes, koffiedik of knoflookpoeder.
Rouwvliegjes, ook wel bekend als varenrouwmuggen, houden niet van droge omstandigheden. Volwassen rouwvliegjes leggen namelijk hun eitjes het liefste in warme, vochtige potgrond. Als je jouw plant minder water geeft, zal de potgrond minder vochtig zijn. De rouwvliegjes zullen hier geen eitjes meer in leggen. Daarnaast hebben de larven die uit de eitjes komen een vochtige bodem nodig om zich te voeden met organisch materiaal. Als de bodem droger is, zullen de larven niet voldoende voeding krijgen en daardoor sterven.
Volwassen rouwvliegjes leggen hun eitjes graag in warme en vochtige potgrond. Als je potgrond niet vochtig is zal een rouwvliegje daar geen eitjes in leggen. De larven van een rouwvliegje zal niet genoeg voeding krijgen als de potgrond droog komt te liggen en zal daardoor sterven. Als je plant er tegen kan is het daarom aan te raden als je last hebt van rouwvliegjes of om rouwvliegjes te voorkomen je plant niet al te vaak water te geven.
Trips houden niet van koude temperaturen en vochtige omstandigheden. Ze gedijen in warme, droge omgevingen, dus het verhogen van de luchtvochtigheid kan helpen om ze af te schrikken. Regelmatig sproeien van je planten kan een effectieve preventieve maatregel zijn. Daarnaast hebben tripsen ook een hekel aan sommige natuurlijke roofdieren, zoals lieveheersbeestjes en roofmijten. Het aantrekken van deze nuttige insecten naar je tuin kan helpen om een tripspopulatie onder controle te houden.
Trips leggen hun eieren meestal op de plant waar ze zich voeden. Ze geven de voorkeur aan het leggen van eieren in zachte plantendelen, zoals jonge bladeren, bloemknoppen of stengels. De eieren zijn erg klein en moeilijk te zien met het blote oog. Na ongeveer een week komen de eieren uit en beginnen de larven zich te voeden met de plant, waardoor er schade ontstaat.
